KWS
   
 

Start het groeiseizoen van maïs goed!

Maïs is in staat om hoge voederwaardeopbrengsten te halen. Om dit in de praktijk zo goed mogelijk te realiseren, volgen hieronder een aantal waardevolle tips:

  1. Maak een bemestingsbalans voor maïs

    Een bemestingsbalans, die voorafgaand aan het nieuwe seizoen is gemaakt, levert de inzichten op die nodig zijn voor een voldoende bemesting. Door lagere meststoffen als gevolg van de wetgeving vraagt met name een aanvulling met voldoende kalium serieuze aandacht.

     

  2. Neem een mestmonster

    Om het resultaat van de berekening in de bemestingsbalans nog nauwkeuriger te laten zijn is het zeer wenselijk om te weten wat de werkelijke samenstelling is van de mest op het bedrijf. De reden hiervoor is dat de werkelijke samenstelling vaak niet overeen komt met de verwachte samenstelling.

    Zorg, voor verkrijging van zo betrouwbaar mogelijke resultaten, dat er een representatief monster wordt genomen van goed gemixte mest.

     

  3. Denk aan de juiste pH van het maïsperceel

    Ook al wordt er volgens advies voldoende bemest, dan nog zal het gewas door de te lage pH niet die opbrengst en kwaliteit halen die ervan verwacht wordt. Het is dus zeer belangrijk om de pH van de grond met een bekalking op niveau te brengen en te houden. Raadpleeg daarvoor het analyserapport afkomstig van het grondonderzoek.

    akkerland bekalken

  4. Denk na over een strategie voor de langere termijn voor behoud van bodemvruchtbaarheid

    Het behouden, of liever nog het verbeteren, van de bodemvruchtbaarheid is de sleutel tot succes voor realisatie van een hoge opbrengst en kwaliteit van het maïsgewas. Maïspercelen met een hoge bodemvruchtbaarheid kenmerken zich door een hoge CEC, een optimale pH, de aanwezigheid van voldoende organische stof, de aanwezigheid van voldoende fosfaat in de voor de plant opneembare en (direct) beschikbare vorm en tot slot een voldoende tot hoge K-voorraad en K-beschikbaarheid.

    Maïs, in vruchtwisseling met gras, het gebruik van compost, de zaai van een groenbemester zo snel mogelijk na de oogst of de oogst van maïs door hoger hakselen of in de vorm van CCM/MKS leveren een belangrijke bijdrage aan de organische stofbalans.

     

  5. Wacht niet te lang met het vernietigen van het vanggewas

    Wanneer de komende tijd de temperatuur verder gaat stijgen, zal ook een vanggewas zich snel verder ontwikkelen. Om te voorkomen dat het vanggewas op het gebied van bodemvocht en nutriëntenopname een concurrent gaat worden van de te zaaien maïs is het advies om, mits de omstandigheden het tenminste toelaten, deze tijdig te vernietigen. Een tijdige vernietiging vergroot tevens de kans dat door mineralisatie de vastgelegde voedingsstoffen in het groeiseizoen beschikbaar komen van de maïs.

    vanggewas        

  6. Bestel tijdig het gewenste maïsras om zeker te zijn van levering

    Het is van het grootste belang om zoveel en zo goed mogelijk voer van eigen land te halen. Om dit te realiseren zijn 3 zaken voor een juiste maïsrassenkeuze heel belangrijk:

    1. Kies voor vroegrijpheid op basis van de korrel.
      Het is niet de restplant maar de vulling met zetmeel van de korrel (afrijping korrel) die bepaalt wanneer de loonwerker wordt gebeld om te oogsten. Hoe vroeger de afrijping in de korrel, des te zekerder is een voldoende afgerijpt maïsgewas en des te eerder kan er geoogst worden.
    2. Kies voor de hoogste voederwaarde en voederwaardeopbrengst.
      De belangrijkste reden om in de Benelux maïs te telen is om het zetmeel. Zetmeel zit in de korrel. Dus hoe hoger de korrelopbrengst van maïs, des te hoger de voederwaarde en voederwaardeopbrengst.
    3. Kies voor oogstzekerheid.
      Alleen een gezonde plant die voldoende fotosynthesecapaciteit behoud, tegelijkertijd weinig ziektegevoelig is en niet gevoelig is voor legering, draagt bij aan de maximale voederwaardeopbrengst.
 

 
KWS